N. Garnefski, V. Kraaij & Ph. Spinhoven
Adolescenten vanaf 12 jaar en volwassenen, in zowel normale als klinische populaties. De CERQ kan bovendien zeer goed worden afgenomen in specifieke populaties, zoals chronisch zieke adolescenten, personen met vliegangst, groepen mensen die gekarakteriseerd worden door het meemaken van eenzelfde type traumatische gebeurtenis (stalking, MKZ crisis) etc.
De CERQ meet 9 verschillende copingstrategieën en kan zowel gebruikt worden voor het bepalen van de algemene cognitieve stijl als van de specifieke cognitieve strategie die gehanteerd wordt na het meemaken van een specifieke gebeurtenis.
De CERQ is een 36 items tellende zelf-rapportage vragenlijst met 5 antwoord-categorieën: ‘(bijna) nooit’, ‘soms’, ‘regelmatig’, ‘vaak’ of ‘(bijna) altijd’. De items verwijzen naar wat iemand denkt bij het ervaren van bedreigende of stressvolle gebeurtenissen. De items zijn evenredig verdeeld over negen schalen, zodat alle subschalen van de CERQ bestaan uit 4 items. De schalen zijn: Jezelf de schuld geven, Accepteren, Rumineren, Concentreren op andere, positieve zaken, Concentreren op planning, Positief herinterpreteren, Relativeren, Catastroferen en Anderen de schuld geven.
De CERQ is ontwikkeld vanuit de behoefte aan een vragenlijst waarmee vastgesteld kan worden welke cognitieve strategieën iemand hanteert na het meemaken van negatieve gebeurtenissen of situaties. In tegenstelling tot andere copingvragenlijsten waarbij geen expliciet onderscheid wordt gemaakt tussen iemands gedachten en wat iemand in werkelijkheid doet, vraagt de CERQ uitsluitend naar wat iemand denkt na het meemaken van een negatieve gebeurtenis.
Informatie over het al dan niet hanteren van adaptieve copingstrategieën kan van belang zijn bij het bepalen van doel en inhoud van het hulpverleningscontact. Eén van de uitgangspunten van de behandeling zou bijvoorbeeld kunnen zijn het afleren van niet-adaptieve en het aanleren van adaptieve copingstrategieën. De CERQ kan ook in wetenschappelijk onderzoek worden gebruikt. Een belangrijke drijfveer voor het verrichten van wetenschappelijk onderzoek is het identificeren van risico- en beschermende factoren bij het ontstaan en instandhouden van emotionele – en gedragsproblematiek. Empirisch onderzoek met de CERQ heeft aangetoond dat cognitieve copingstrategieën sterk samenhangen met scores voor depressie, angst en suïcidaliteit. Hieruit valt op te maken, dat cognitieve copingstrategieën een belangrijke en centrale plek zouden moeten krijgen in wetenschappelijk onderzoek gericht op het verklaren van geestelijke gezondheidsproblemen.
Er zijn vijf normgroepen beschikbaar, elk gesplitst in aparte normtabellen voor mannen en vrouwen. Hiervan zijn vier normgroepen steekproeven van de algemene bevolking: adolescenten van 13-15 jaar (n=586), adolescenten van 16-18 jaar (n=986), volwassenen van 18-65 jaar (n=611) en ouderen van 66 jaar en ouder (n=99). Daarnaast is er een normgroep volwassen psychiatrische patiënten van 18-65 jaar (n=218).
De betrouwbaarheid van de schalen van de CERQ voor de diverse populaties is goed tot zeer goed te noemen (in de meeste gevallen ruim boven de .70 en in veel gevallen zelfs boven de .80). Zelfs de laagste waarden, zoals .68 voor Jezelf de schuld geven bij de Laat-adolescenten en .68 voor Anderen de schuld geven bij de Vroeg-adolescenten zijn nog acceptabel gezien het aantal items waaruit de schalen bestaan. De test-hertest correlaties met 14 maanden tussen de twee metingen varieert van .48 (Concentreren en Planning) tot .65 (Anderen de schuld geven).
De validiteit van de CERQ is onder meer onderzocht door het instrument in verband te brengen met de Coping Inventory for Stressful Situations (CISS; Endler & Parker, 1990). De instrumenten zijn tegelijkertijd afgenomen bij zowel laat-adolescenten als volwassenen uit de algemene bevolking. In beide groepen werden hoge correlaties gevonden tussen de subschalen Concentreren op planning en Positief herinterpreteren van de CERQ en de subschaal Taakgerichte coping van de CISS. Deze schalen verwijzen naar het actief bezig zijn met en/of aanpakken van een probleem. Ook Accepteren en Relativeren correleerden redelijk hoog met Taakgerichte coping. Daarnaast zijn hoge correlaties gevonden tussen de CERQ-schalen Jezelf de schuld geven, Rumineren en Catastroferen en de CISS-subschaal Emotiegerichte coping, maten die verwijzen naar op een bepaalde manier met de eigen emoties bezig zijn. Ook Anderen de schuld geven correleerde redelijk hoog met Emotiegerichte coping. Deze bevindingen zijn volgens verwachting en ondersteunen de constructvaliditeit van de CERQ. Uitgebreide informatie over betrouwbaarheid en validiteit is opgenomen in de CERQ-handleiding.
Schriftelijke of direct achter de computer. Individueel en groepsgewijs. De afnameduur is 10 minuten.
Handscoring met behulp van een mal: duur 10 minuten. Computerscoring: ja.
De CERQ is verkrijgbaar in twee versies: de CERQ Jeugd met instructie in de ‘je’ vorm en de CERQ volwassenen met instructie in de ‘u’ vorm.