Onderzoek van Joke Voorbeeld, Nr = 123
Joke Voorbeeld kwam op 19-4-2011 voor een onderzoek. Joke Voorbeeld
heeft de NEO-PI-R test uitgevoerd. Haar burgerlijke staat is gehuwd. Zij
heeft MBO/MEAO/MTS (of gelijkwaardig) als hoogst genoten opleiding. Zij
is 35 jaar oud.
Alle 240 vragen zijn beantwoord.
Overzicht rapport NEO-PI-R
NEO-PI-R met norm groep Bevolking M V T Ned. & Vlaand.
|
Schaal |
Score |
Norm |
Norm Sectie |
|
|
|
Neuroticisme |
163 |
Tamelijk hoog |
V (N=350) |
|
|
|
|
Angst |
30 |
Tamelijk hoog |
V (N=350) |
|
|
|
Ergernis |
25 |
Tamelijk hoog |
V (N=350) |
|
|
|
Depressie |
26 |
(Goed-)middelmatig |
V (N=350) |
|
|
|
Schaamte |
29 |
Tamelijk hoog |
V (N=350) |
|
|
|
Impulsiviteit |
25 |
Middelmatig |
V (N=350) |
|
|
|
Kwetsbaarheid |
28 |
Hoog |
V (N=350) |
|
|
Extraversie |
141 |
(Zwak-)middelmatig |
V (N=350) |
|
|
|
|
Hartelijkheid |
21 |
Zeer laag |
V (N=350) |
|
|
|
Sociabiliteit |
33 |
Hoog |
V (N=350) |
|
|
|
Dominantie |
21 |
Middelmatig |
V (N=350) |
|
|
|
Energie |
19 |
Laag |
V (N=350) |
|
|
|
Avonturisme |
25 |
(Goed-)middelmatig |
V (N=350) |
|
|
|
Vrolijkheid |
22 |
Tamelijk laag |
V (N=350) |
|
|
Openheid |
137 |
Tamelijk laag |
V (N=350) |
|
|
|
|
Fantasie |
24 |
Middelmatig |
V (N=350) |
|
|
|
Esthetiek |
18 |
Zeer laag |
V (N=350) |
|
|
|
Gevoelens |
24 |
Laag |
V (N=350) |
|
|
|
Veranderingen |
23 |
Middelmatig |
V (N=350) |
|
|
|
Ideeën |
20 |
Tamelijk laag |
V (N=350) |
|
|
|
Waarden |
28 |
Middelmatig |
V (N=350) |
|
|
Altruïsme |
140 |
Zeer laag |
V (N=350) |
|
|
|
|
Vertrouwen |
27 |
(Zwak-)middelmatig |
V (N=350) |
|
|
|
Oprechtheid |
18 |
Zeer laag |
V (N=350) |
|
|
|
Zorgzaamheid |
21 |
Zeer laag |
V (N=350) |
|
|
|
Inschikkelijkheid |
25 |
Middelmatig |
V (N=350) |
|
|
|
Bescheidenheid |
26 |
Tamelijk laag |
V (N=350) |
|
|
|
Medeleven |
23 |
Zeer laag |
V (N=350) |
|
|
Consciëntieusheid |
133 |
Zeer laag |
V (N=350) |
|
|
|
|
Doelmatigheid |
19 |
Zeer laag |
V (N=350) |
|
|
|
Ordelijkheid |
23 |
Tamelijk laag |
V (N=350) |
|
|
|
Betrouwbaarheid |
24 |
Zeer laag |
V (N=350) |
|
|
|
Ambitie |
22 |
Tamelijk laag |
V (N=350) |
|
|
|
Zelfdiscipline |
23 |
Tamelijk laag |
V (N=350) |
|
|
|
Bedachtzaamheid |
22 |
Tamelijk laag |
V (N=350) |
|
Relatieve score vs norm groepen (NEO-PI-R)
NEO-PI-R met norm groep Bevolking M V T Ned. & Vlaand.
NEO-PI-R Persoonlijke uitleg
Neuroticisme (N)
Dit brede en belangrijke domein contrasteert emotionele stabiliteit met
emotionele labiliteit. Het domein Neuroticisme wordt ook wel aangeduid
als gegeneraliseerde angst omdat personen die hoog op dit domein scoren
sterk geneigd zijn angst of andere negatieve gevoelens te ervaren. Het
domein omvat naast de geneigdheid tot onwelbevinden ook het omgaan met
frustratie en stress. De term neuroticisme heeft voor velen een
negatieve klank. Om deze reden wordt voor dit domein vaak gekozen voor
de term emotionele stabiliteit. Het domein bestaat uit de volgende zes
facetten: Angst (N1), Ergernis (N2), Depressie (N3), Schaamte (N4),
Impulsiviteit (N5), Kwetsbaarheid (N6).
Joke Voorbeeld heeft een tamelijk hoge score op Neuroticisme. Mensen die
hoog scoren op het N-domein maken zich vaak zorgen, piekeren regelmatig
over allerlei problemen en voelen zich relatief vaak ongelukkig of
onveilig. Zij zijn gevoelig en emotioneel en winden zichzelf snel op.
Zij zijn sterk geneigd negatieve gevoelens als woede, frustratie,
somberheid, schaamte of schuld te ervaren of te uiten.
Zij heeft een tamelijk hoge score op facet N1 Angst. Angstige mensen
zijn ongerust, gauw bang en zorgelijk, nerveus, gespannen en
schrikachtig. De schaal meet geen specifieke manifeste angsten, maar
mensen met hoge scores hebben vaker zulke angsten of fobieën. De score
op dit facet is relatief gevoelig voor beïnvloeding door de tijdelijke
toestand van de persoon.
Zij heeft een tamelijk hoge score op facet N2 Ergenis. Ergernis
vertegenwoordigt de neiging tot het ervaren van frustratie, boosheid en
haatgevoelens. Mensen met hoge scores ervaren regelmatig dergelijke
gevoelens. Het uiten van die gevoelens met agressie volgt hieruit niet
noodzakelijk. Dit hangt onder meer af van iemands positie in het
Altruïsme-domein.
Zij heeft een (goed-)middelmatige score op facet N3 Depressie. Deze
schaal meet normale individuele verschillen in de ontvankelijkheid voor
depressieve gevoelens. Mensen met hoge scores zijn ontvankelijk voor
gevoelens van schuld, verdriet, hopeloosheid en eenzaamheid. Ze zijn
snel ontmoedigd en makkelijk uit het veld te slaan.
Zij heeft een tamelijk hoge score op facet N4 Schaamte. Gevoelens van
schaamte en verlegenheid vormen de kern van dit facet. Mensen die hoog
scoren voelen zich niet op hun gemak in het gezelschap van anderen. Ze
voelen zich snel bekeken en beoordeeld; ze zijn gevoelig voor spot, en
ontvankelijk voor gevoelens van minderwaardigheid of voor een lage
zelfdunk. Schaamte is verwant aan wat vaak sociale angst wordt genoemd.
Zij heeft een middelmatige score op facet N5 Impulsiviteit. In de
NEO-PI-R verwijst impulsiviteit naar het onvermogen om verlangens,
impulsen en gevoelens te beheersen.
Zij heeft een hoge score op facet N6 Kwetsbaarheid. Het facet
Kwetsbaarheid verwijst naar het hanteren van moeilijke en stressvolle
situaties. Mensen met hoge scores zijn stressgevoelig en voelen zich
niet in staat met spanning en stresssituaties om te gaan. In
crisissituaties worden ze afhankelijk, voelen zich hopeloos of ze raken
in paniek
Extraversie (E)
Met het begrippenpaar extraversie - introversie wordt een naar buiten
respectievelijk naar binnen gerichte energie, aandacht en oriëntatie
aangeduid. Sommige van de contrasten tussen extraversie en introversie
mogen vreemd lijken. Onderzoek ondersteunt de opvatting dat introverte
mensen niet zozeer het tegenovergestelde van extraverte mensen laten
zien maar de afwezigheid van uitgesproken extraverte kenmerken. Het
domein bestaat uit de volgende zes facetten: Hartelijkheid (E1),
Sociabiliteit (E2), Dominantie (E3), Energie (E4), Avonturisme (E5),
Vrolijkheid (E6).
Joke Voorbeeld heeft een (zwak-)middelmatige score op Extraversie. Bij
lage scores op de E-schaal spreken we van introversie. Introverte mensen
zijn gereserveerd en afstandelijk; meer onafhankelijk dan onderdanig,
eerder nadenkend dan sloom. Zij zijn doorgaans niet verlegen of sociaal
angstig maar vinden het alleen minder prettig om veel in het gezelschap
van anderen te verkeren en geven er vaak de voorkeur aan om alleen te
zijn. Ook zijn zij niet bovengemiddeld ongelukkig, depressief, of
pessimistisch, al zal men zelden bij hen de euforie en het sterke
optimisme aantreffen dat men wel bij extraverte mensen kan aantreffen.
Hun aandacht is niet sterk op de directe omgeving gericht, maar meer
intern op de eigen gevoelens, gedachten en bezigheden.
Zij heeft een zeer lage score op facet E1 Hartelijkheid. Hartelijkheid
in de omgang bevordert, door de warmte en genegenheid die wordt getoond,
het totstandkomen van een emotionele band tussen mensen.
Mensen met lage scores zijn meer gereserveerd, op een afstand en
formeel in hun manier van doen.
Zij heeft een hoge score op facet E2 Sociabiliteit. Sociabiliteit
beschrijft de voorkeur in het gezelschap van anderen te verkeren.
Sociabele mensen zoeken gezelschap en houden van de drukte en activiteit
van grote groepen mensen. Ze worden gestimuleerd door gezelschap;
contacten met anderen zijn de motor voor hun activiteiten.
Zij heeft een middelmatige score op facet E3 Dominantie.
Zij heeft een lage score op facet E4 Energie. Mensen die laag scoren op
deze schaal zijn kalm en minder gedreven en stralen niet veel energie
uit. Zij houden van een meer ontspannen levensstijl.
Zij heeft een (goed-)middelmatige score op facet E5 Avonturisme. Mensen
met hoge scores op deze schaal hebben een hang naar opwinding,
stimulering en actie. Ze houden van heldere kleuren, lawaaiige
omgevingen en prikkelende sensaties.
Zij heeft een tamelijk lage score op facet E6 Vrolijkheid. Vrolijkheid
is de beste voorspeller van een algeheel gevoel van geluk en
welbevinden. Mensen met lage scores zijn niet noodzakelijkerwijs
ongelukkig; ze zijn wel minder vrolijk en uitbundig in hun gedrag en
ervaringen.
Openheid (O)
De volledige naam voor het O-domein is eigenlijk Openheid voor
ervaringen, waarmee vooral een bepaalde geesteshouding wordt aangeduid.
Elementen van Openheid zoals verbeeldingskracht, sensitiviteit,
intellectuele nieuwsgierigheid en een onafhankelijk oordeel zijn
aspecten die in veel theorieën over persoonlijkheid een rol spelen. Het
inzicht dat zij één coherent domein vormen is echter zelden zo expliciet
naar voren gebracht als in de NEO-vragenlijsten. Men is geneigd Openheid
als een teken van volwassenheid en psychische gezondheid te zien. Waarde
en nut van geslotenheid en openheid hangen echter sterk af van de eisen
die de situatie stelt. Het domein bestaat uit de volgende zes facetten:
Fantasie (O1), Esthetiek (O2), Gevoelens (O3), Veranderingen (O4),
Ideeën (O5) en Waarden (O6).
Joke Voorbeeld heeft een tamelijk lage score op Openheid. Mensen die
laag op Openheid scoren neigen naar conventioneel gedrag en
conservatieve opvattingen. Zij verkiezen het vertrouwde boven het nieuwe
en breiden hun wereld niet verder uit dan nodig is voor de doelen die
zij nastreven. De reikwijdte en intensiteit van hun interesses en
gedachten zijn beperkt. Geringe openheid impliceert absoluut geen
vijandige intolerantie of autoritaire agressie.
Zij heeft een middelmatige score op facet O1 Fantasie.
Zij heeft een zeer lage score op facet O2 Esthetiek. Mensen met lage
scores zijn relatief ongevoelig voor kunst en schoonheid. Zij worden
zelden ontroerd door poëzie, muziek of beeldende kunst en zijn daarin
weinig geïnteresseerd.
Zij heeft een lage score op facet O3 Gevoelens. Openheid voor gevoelens
houdt ontvankelijkheid in voor de eigen innerlijke gevoelens. Mensen met
lage scores hebben weinig aandacht voor hun eigen gevoelens, leven er
grotendeels aan voorbij en vinden ze niet erg belangrijk.
Zij heeft een middelmatige score op facet O4 Verandering. Het facet
Openheid voor verandering heeft betrekking op veranderingen, variatie en
nieuwe ervaringen.
Zij heeft een tamelijk lage score op facet O5 Ideeën. Dit aspect van
Openheid heeft betrekking op intellectuele nieuwsgierigheid. Het gaat
niet alleen om een actieve interesse in intellectuele bezigheden als
zodanig, maar ook om het openstaan staan voor nieuwe, onconventionele
ideeën en de bereidheid die te overwegen. Mensen met lage scores hebben
weinig interesses. Zij staan niet erg open voor nieuwe en
onconventionele ideeën. Als ze intelligent zijn concentreren ze hun
talent op een smal en afgeperkt gebied.
Zij heeft een middelmatige score op facet O6 Waarden. Openheid voor
waarden houdt in dat men bereid is sociale, politieke en religieuze
waarden tegen het licht te houden en te heroverwegen.
Altruïsme (A)
Altruïsme vertegenwoordigt de oriëntatie van het individu op de
ervaringen, belangen en doelen van anderen. De sympathieke pool van het
A-domein wordt vaak gezien als sociaal gewenst en psychologisch
gezonder. Toch vertegenwoordigen beide polen een positieve waarde voor
de persoon en de omgeving. De neiging om voor de eigen belangen op te
komen is in sommige situaties van grote waarde. Een sceptische houding
en kritisch denken, ook antagonistische instellingen, zijn belangrijke
voorwaarden voor bijvoorbeeld wetenschappelijke vooruitgang en
democratische controle. Net zo als geen van beide polen van Altruïsme
intrinsiek beter is vanuit het gezichtspunt van de samenleving, zijn zij
noodzakelijk beter voor de psychische gezondheid van het individu. Het
domein bestaat uit de volgende zes facetten: Vertrouwen (A1),
Oprechtheid (A2), Zorgzaamheid (A3), Inschikkelijkheid (A4),
Bescheidenheid (A5) en Medeleven (A6).
Joke Voorbeeld heeft een zeer lage score op Altruïsme. Mensen die laag
scoren op de A-schaal zijn antagonistisch en egocentrisch. Zij zoeken
eerder het debat en de confrontatie met anderen en uiten hun afwijzing
of agressie jegens anderen gemakkelijk. Hun instelling is veeleer
competitief dan coöperatief. De antagonist is geïnteresseerd in macht en
is harder in zijn sociale opvattingen en oordelen over anderen.
Zij heeft een (zwak-)middelmatige score op facet A1 Vertrouwen.
Vertrouwen kan worden omschreven als de neiging om van andere mensen als
vanzelfsprekend aan te nemen dat ze van goede wil zijn. Dit is een
klassieke persoonlijkheidstrek die door velen gezien wordt als de basis
van de psychosociale ontwikkeling.
Mensen met lage scores hebben een sceptische instelling en zijn
eerder geneigd anderen bij voorbaat als onbetrouwbaar of gevaarlijk te
zien.
Zij heeft een zeer lage score op facet A2 Oprechtheid. Mensen met lage
scores zijn bereid anderen te manipuleren met vleierij, trucs en kleine
of halve onwaarheden. Zij zien zulke tactieken als noodzakelijke sociale
vaardigheden en vinden de oprechtheid van anderen vaak naïef. Deze
schaal is echter geen leugenschaal die bijvoorbeeld de betrouwbaarheid
van personeel kan meten.
Zij heeft een zeer lage score op facet A3 Zorgzaamheid. Zorgzaamheid is
een centraal facet van het A-domein en vormt het hart van de betekenis
van Altruïsme als instelling. Zij heeft een middelmatige score op facet
A4 Inschikkelijkheid. Dit facet betreft de omgang met voorziene of
optredende interpersoonlijke conflicten.
Zij heeft een tamelijk lage score op facet A5 Bescheidenheid. Mensen met
lage scores vinden zichzelf beter dan anderen en worden al gauw arrogant
gevonden. Bescheidenheid hangt samen met een aspect van het zelfconcept:
bescheiden mensen vinden zichzelf tamelijk onbelangrijk, terwijl
arrogante mensen hun belang voor anderen juist overschatten.
Zij heeft een zeer lage score op facet A6 Medeleven. Deze facetschaal
meet een houding van sympathie en bezorgdheid voor het lot van andere
mensen. Mensen met lage scores nemen een nuchtere zakelijke houding aan
tegenover menselijke problemen en zijn minder snel geroerd door een
beroep op hun medeleven. Zij zien zichzelf liever als realisten, die hun
beslissingen op rationele gronden nemen.
Consciëntieusheid (C)
Consciëntieus gedrag houdt in: doen wat de dominante omgeving vraagt en
nalaten wat daar verstorend werkt en ongewenst is. Consciëntieus kan
echter ook slaan op het proces van doen wat moet: een proactief proces
van het plannen, organiseren en uitvoeren van taken die men op zich
heeft genomen. Beide varianten van Consciëntieusheid hangen sterk samen
en vormen gezamenlijk een brede persoonlijkheidsdimensie die discipline
en conformeren aan normen uit de omgeving als kern heeft.
Het C-domein omvat dus gedrag remmende of inhibitieve aspecten én gedrag
organiserende, proactieve aspecten. De proactieve kant van
Consciëntieusheid ziet men het duidelijkst bij de facetten Doelmatigheid
(C1), Ordelijkheid (C2) en Ambitie (C4). De inhibitieve kant is sterker
bij Betrouwbaarheid (C3) en Bedachtzaamheid (C6). Zelfdiscipline (C5) is
een mengsel van beide.
Joke Voorbeeld heeft een zeer lage score op Conciëntieusheid. Mensen die
laag scoren op het C-domein ontbreekt het niet aan normen, waarden of
idealen. Ze zijn alleen minder stringent en precies in het toepassen en
nastreven ervan. Ze werken aan het bereiken van hun doelen op een meer
nonchalante, rommelige en ontspannen manier en nemen het meer voor lief
dat dingen soms mislukken en dat sommige doelen niet bereikbaar blijken.
Zij heeft een zeer lage score op facet C1 Doelmatigheid. Het facet
doelmatigheid verwijst naar de ervaring van mensen dat zij bekwaam,
verstandig en effectief zijn inzake de opgaven die het leven hun stelt.
Mensen met lage scores missen het gevoel dat zij goed tegen het leven
opgewassen zijn.
Zij heeft een tamelijk lage score op facet C2 Ordelijkheid. Mensen met
lage scores zijn slordig en onsystematisch. Zij slagen er nauwelijks in
hun taken, afspraken, plannen en bezittingen goed te organiseren.
Zij heeft een zeer lage score op facet C3 Betrouwbaarheid. Deze facetschaal meet de mate waarin iemand zich in zijn of haar gedrag strikt houdt aan ethische principes en normen. Mensen met lage scores gaan met zulke zaken wat gemakkelijk of zelfs nonchalant om en kunnen enigszins onbetrouwbaar zijn.
Zij heeft een tamelijk lage score op facet C4 Ambitie. Ambitie en
prestatiedrang is een belangrijk onderdeel van het C-domein. Mensen met
lage scores hebben geen sterke behoefte aan presteren en succes, zijn
moeilijk tot prestaties te motiveren en weinig ambitieus.
Zij heeft een tamelijk lage score op facet C5 Zelfdicipline.
Zelfdiscipline is het vermogen eenmaal begonnen taken door te zetten en
af te maken ondanks eventuele verveling en afleidingen. Mensen met lage
scores beginnen eerder met uitstellen, zijn sneller ontmoedigd en geven
het eerder op.
Zij heeft een tamelijk lage score op facet C6 Bedachtzamheid. Dit facet
slaat op de neiging tot zorgvuldig nadenken, gevolgen anticiperen en
afwegen alvorens te handelen. Mensen met lage scores zijn haastig en
spontaan in beslissingen en gedrag, en spreken of handelen vaak voordat
ze de gevolgen doordacht hebben.